30 juni schriftelijke vragen: Overlast en heroverweging locatie ondergrondse afvalcontainers Gerard Doustraat 60 en 60A

30 juni 2026

Aan de voorzitter van de gemeenteraad,

Bewoners van de Gerard Doustraat, in het bijzonder de bewoners van de panden Gerard Doustraat 60 en 60A, hebben al geruime tijd ernstige hinder van de ondergrondse afvalcontainers die zich direct voor hun woningen bevinden. De containers zijn ongeveer tien jaar geleden geplaatst op zeer korte afstand van de ingangen van deze woningen.

De situatie leidt volgens bewoners tot structurele overlast door bijplaatsingen van huisvuil en grofvuil, stank, vervuiling van de openbare ruimte en een belemmerde toegang tot de woningen. Regelmatig ontstaat een situatie waarbij bewoners bij het verlaten van hun woning direct worden geconfronteerd met afval dat naast de containers is geplaatst. Ook zou de doorgang op sommige momenten ernstig worden bemoeilijkt.

Overeenkomstig art. 32 van het Reglement van orde stelt de raadsleden Necati Akbas en Carlos Martinez van Andel, Hart voor Den Haag, de volgende vragen:

  1. Is het college bekend met de aanhoudende klachten en meldingen over de ondergrondse afvalcontainers ter hoogte van Gerard Doustraat 60 en 60A?

  2. Hoeveel meldingen over afvaloverlast, bijplaatsingen, stankoverlast en vervuiling zijn de afgelopen vijf jaar ontvangen met betrekking tot deze locatie?

  3. Heeft het college naar aanleiding van deze meldingen contact gehad met de direct omwonenden? Zo ja, wat zijn de uitkomsten van deze gesprekken geweest? Zo nee, waarom niet?

  4. Is onderzocht of de huidige locatie van de containers nog steeds de meest geschikte locatie is, gelet op de overlast die bewoners ervaren?

  5. Welke maatregelen zijn de afgelopen jaren genomen om de structurele overlast rondom deze containers tegen te gaan?

  6. Hoe vaak worden deze containers geleegd en acht het college deze frequentie voldoende gezien de aanhoudende klachten over overvolle containers en afval naast de containers?

  7. Welke handhavingsmaatregelen zijn op deze locatie ingezet tegen het illegaal bijplaatsen van afval en grofvuil? Kan het college aangeven hoe vaak hierop is gehandhaafd?

  8. Zijn er alternatieve locaties in de Gerard Doustraat onderzocht of overwogen, bijvoorbeeld aan het begin of einde van de straat, waar volgens omwonenden meer ruimte beschikbaar is en de overlast voor bewoners aanzienlijk kan worden verminderd?

  9. Indien dergelijke alternatieve locaties niet zijn onderzocht, is het college bereid dit alsnog te doen? Zo nee, waarom niet?

  10. Is het college bereid een locatiebezoek af te leggen en in gesprek te gaan met de direct getroffen bewoners om de situatie ter plaatse te beoordelen?

  11. Deelt het college de opvatting dat bij de inrichting van de openbare ruimte rekening moet worden gehouden met de leefbaarheid, toegankelijkheid en het woongenot van direct omwonenden?

  12. Is het college, gelet op de langdurige aard van de klachten en de ervaren overlast, bereid de huidige locatie van de ondergrondse containers te heroverwegen en de mogelijkheid van verplaatsing serieus te onderzoeken? Zo nee, waarom niet?

Tussen de vragen kan de vragensteller nog nadere tekst invoegen. Deze mag de mening van de partij weergeven.

Necati Akbas
Hart voor Den Haag

Carlos Martinez van Andel
Hart voor Den Haag

Doe mee en volg ons!