16 januari schriftelijke vragen: Asielopvang gemeente Delft pal naast Haagse wijk Ypenburg

16 januari 2026

Overeenkomstig art. 32 van het Reglement van orde stelt raadslid Richard de Mos, Hart voor Den Haag, de volgende vragen:

  1. Wanneer heeft het college voor het eerst kennisgenomen van de plannen van de gemeente Delft om een opvanglocatie voor ongeveer 350 asielzoekers te realiseren aan de Brasserskade/Nootdorpsepad?

  2. Is de gemeente Den Haag vooraf door Delft betrokken bij deze plannen? Zo ja, op welke wijze en met welk resultaat? Zo nee, hoe beoordeelt het college dit?

  3. Deelt het college de mening dat deze opvang, hoewel gelegen op Delfts grondgebied, feitelijk pal grenst aan de Haagse wijk Ypenburg en daarmee directe gevolgen heeft voor Haagse inwoners?

  4. Is er door of namens Den Haag een impactanalyse uitgevoerd op het gebied van leefbaarheid, veiligheid, verkeer, handhaving en voorzieningen in Ypenburg? Zo nee, waarom niet?

  5. Welke concrete gevolgen verwacht het college voor Haagse voorzieningen en diensten, zoals handhaving, politie, zorg en openbaar vervoer?

  6. Is het college bereid om bij Delft aan te dringen op het on hold zetten van deze plannen totdat er sprake is van gezamenlijk overleg en een gedeelde impactanalyse? Graag een gedetailleerd antwoord.

  7. Op welke wijze gaat het college bewoners van Ypenburg actief informeren en betrekken bij deze ontwikkeling?

  8. Acht het college het wenselijk dat buurgemeenten grootschalige opvanglocaties realiseren zonder structurele regionale afstemming? Graag een gedetailleerd antwoord. 

  9. Is het college bereid hierover een formeel bestuurlijk signaal of bezwaar richting de gemeente Delft af te geven? Graag een gedetailleerd antwoord. 
  10. Hoe ziet het college de rol van Den Haag binnen regionale afspraken over asielopvang, en welke grenzen stelt het college daarbij ter bescherming van Haagse wijken?

Richard de Mos
Hart voor Den Haag

Doe mee en volg ons!
🎵
Luister live Hart voor Den Haag Radio