Hart voor Den Haag: Deelmobiliteit levert nauwelijks iets op, maar kost wél parkeerplekken en subsidie

Hart voor Den Haag-raadslid Jelle Meinesz: “Deelvervoer heeft in Den Haag nul effect op de immense parkeerdruk”
De beloofde mobiliteitstransitie laat nog steeds op zich wachten. Dat blijkt uit een nieuwe brief van wethouder Arjen Kapteijns over de zogenaamde ‘meerwaarde’ van deelmobiliteit in Den Haag. Volgens Hart voor Den Haag blijven de resultaten schokkend mager: slechts 500 deelnemers maken gebruik van autodeelgroepen, terwijl er wel schaarse parkeerplekken worden opgeofferd en tonnen subsidie worden verstrekt.
Raadslid Jelle Meinesz noemt het misleidend dat de wethouder landelijke cijfers aanhaalt over het opgeven van een eigen auto, terwijl in Den Haag geen enkel bewijs wordt geleverd dat bewoners hun parkeervergunning inleveren of hun auto daadwerkelijk wegdoen. “We moeten constateren dat deelvervoer in Den Haag vooral een extraatje is voor mensen die toch al geen auto hadden en dat het nul effect heeft op de parkeerdruk,” aldus Meinesz.
Uit de brief blijkt dat een deelauto in Den Haag gemiddeld slechts één keer per dag wordt gebruikt. Desondanks worden er hele vakken gereserveerd op straat, vaak vlak voor woningen of midden in woonwijken. “En dat voor auto’s die vaker stilstaan dan rijden,” stelt Meinesz. Ook de deelscooters en deelbakfietsen laten weinig structurele impact zien. “Zodra de subsidie verdwijnt, verdwijnt ook de aanbieder. Kijk naar Cargoroo.”
Hart voor Den Haag wil dat het college stopt met het blind subsidiëren van een mobiliteitsvorm die nauwelijks mensen uit de eigen auto krijgt en stelt daarom schriftelijke vragen.